Drone Boessenkool draagt bij aan veiligheid

Drone Boessenkool draagt bij aan veiligheid

Drone Boessenkool draagt bij aan veiligheid

Samen met Defensie ontwikkelt het Twentse bedrijf Machinefabriek Boessenkool een megadrone voor ‘the last tactical mile’. Door onbemande meervoudige rotorvliegtuigen in te zetten voor gewonden- en vrachtvervoer, neemt de veiligheid in vredes- én oorlogstijd toe.

De door Boessenkool ontworpen enorme cargodrone heeft een topsnelheid van 70 kilometer per uur. Je kunt er een vrachtnet of een brancard onder hangen en het totale gewicht dat de drone inclusief vracht kan tillen, is meer dan 500 kilo. Hij houdt het op een volle accu van 100 kilo een half uur uit en kan 30 kilometer heen en weer terugvliegen.


De drone vliegt met een piloot of autonoom. En als de GPS uitvalt, dan vindt de drone nog steeds z’n weg, met behulp van een zelf ontwikkeld secundair navigatiesysteem. Zodra de drone zich bij de afleverplaats meldt, blijft de drone in de lucht hangen tot iemand op de grond een ontvangstsignaal geeft. Dat kan met een laser maar ook met een QR-code. 

Drone als oplossing voor personeelstekort

Boessenkool maakt veel machines voor de agrarische wereld. In eerste instantie hadden ze als klant voor de drone het boerenbedrijf in gedachten. Het project trok echter ook de aandacht van het Nederlandse leger. Defensie is op zoek naar manieren om processen binnen het leger te robotiseren, vertelt Majoor Peter Butter, Stafofficier Concept Development & Experimentation. Door een toenemend personeelstekort wordt er driftig gezocht naar oplossingen om meer te kunnen doen met minder mensen. Volgens Butter past een drone voor het verrichten van logistieke taken perfect binnen dat plaatje.

The last tactical mile

Een van de ideeën is dat de cargodrone van Boessenkool straks ingezet gaat worden in het gebied dat ze bij Defensie ‘the last tactical mile’ noemen. Dit is de zone tussen het front en de veiligheidslinies. Volgens Butter is dit een notoir kwetsbaar gebied. Het vervoeren van munitie en andere goederen is intensief en gevaarlijk. Vijandelijke eenheden vallen aanvoerlijnen aan om de logistiek van de tegenstander te verstoren. 

Mensenlevens lopen minder gevaar

Eelco Osse, directeur Boessenkool: “Als een drone uit de lucht wordt geschoten ben je het apparaat en de vracht kwijt. Geldelijk verlies is echter altijd beter dan menselijk verlies.” Door taken aan een drone toe te vertrouwen, lopen de levens van helikopterpiloten, vrachtwagenchauffeurs en grondtroepen minder gevaar.

De drone ombouwen van een civiele naar een militaire toepassingen, heeft veel voeten in aarde. Om door de certificering heen te komen, moet elke schroef van de vrachtdrone voldoen aan de eisen die gelden voor het slagveld. Maar de samenwerking met het Nederlandse leger heeft ook tal van voordelen. Osse: “De wetgeving voor drones loopt achter bij de ontwikkelingen. Er mag nu vooral heel veel niet. Samen met Defensie kun je veranderingen sneller in gang zetten.”

Eerste testresultaten veelbelovend

Inmiddels zijn er testvluchten gemaakt op het NLR-oefenterrein van Defensie. Butter zegt dat de eerste resultaten veelbelovend zijn. Nu kan de drone al zware, starre ladingen aan. Binnen een jaar moeten ook bewegende ladingen, zoals gewonden, met de drone kunnen vliegen. “Dat is onze stip op de horizon.”

Naast gebruik in oorlogssituaties, is de drone ook toepasbaar onder tal van andere barre omstandigheden. Denk aan niet-gouvernementele organisatie, die hulpgoederen op een moeilijk bereikbare plaats van een rampgebied willen brengen. Ook het vervoer van gewonden is hier een optie. Uiteraard zit aan dit vredesgebruik ook een minder vreedzame keerzijde. “Je kunt je ook voorstellen dat een wapen- of verkenningssysteem met de drone wordt afgezet.” Butter zegt dat alleen de fantasie de beperking vormt van alle mogelijkheden.

Oprichting eigen verkeerscentrum voor drones

De komende tijd wordt hard gewerkt aan de opvolger van het prototype dat nu al rondvliegt. Osse zegt dat er nog wel het een ander moet gebeuren voor de eerste cargodrones straks in productie gaan. Samen met netwerkleverancier Nokia wordt nagedacht over het oprichten van een eigen verkeerscentrum voor drones. Het sense and avoid systeem moet geperfectioneerd worden, zodat de drones niet in botsing komen met elkaar of ander vliegverkeer. Ook aan het besturen van de drones ‘beyond the line of sight’ wordt nog gewerkt.

Wereldwijde interesse in Twentse innovatie

Toen Peter Butter recent tijdens een oefening de drone liet zien aan een Amerikaanse collega was deze behoorlijk onder de indruk. Butter: “Hij zei: ‘jullie zijn verder dan wij’.” Machinefabriek Boessenkool wordt ondertussen bedolven onder de aanvragen van partijen die geïnteresseerd zijn in de drone-on-steroids, zoals Butter hem omschrijft. Directeur Osse heeft grote verwachtingen van zijn cargodrone van Nederlandse bodem: “Dit gaat zowel het aanzien van het slagveld als de akker veranderen.”


share

Applied innovation developments process